De slangendraagster

pythiaDe slangendraagster was een priesteres, healer en orakel. Zij resideerde te Delphi. Ze werd Pythia genoemd. In de tempel waar zij verbleef waren meerdere Pythia’s aanwezig. Via een scheur in de grond waar ‘pneuma’ omhoog steeg, kreeg zij contact met wijsheid (Sophia, moedergodin) waardoor zij kon orakelen. Dit deed zij d.m.v. een trance.  Ook de slangen die bij een Pythia hoorde (python) zijn een symbolische weergave van Sophia, de moedergodin, wijsheid. Ze zat op een tripod terwijl ze orakelde.
De slangendraagster was aldus een symbool van de vrouw als vertegenwoordigster van de moedergodin op aarde, die in contact stond met ware wijsheid, helende gaven en was als zodanig scheppend en voedend.

De slangendraagster staat ook aan de hemel en is bekend als het dertiende sterrenbeeld. Zij is echter in die hoedanigheid vermannelijkt en wordt slangendrager (Ophiuchus) genoemd. Dit is het gevolg van het lot dat de moedergodin en haar vertegenwoordigsters wereldwijd ondergingen. De vermannelijking en tegelijkertijd diepe afwijzing en afkeer van het vrouwelijke. Zo ontstond in de Griekse mythologie het verhaal van Aesclepius, de grondlegger van de geneeskunst. Het symbool van Aesclepius veranderde echter niet: de slang, een van de symbolische weergaven van Sophia de moedergodin, wijsheid.
Dit beeld kennen wij tot op de dag van vandaag.